AZC

Grave

 

Op het voormalige kazerneterrein in de Noord-Brabantse gemeente Grave, heeft GROOSMAN een asielzoekerscentrum voor zeshonderd bewoners gerealiseerd. De zeven losse gebouwen liggen verspreid in het groen. Zo doet de opzet denken aan een klein dorp, met ruimte voor zowel ontmoeting als ook afzondering. Vanaf het begin stond één ding vast: dit moest geen gesloten complex worden, maar een open ensemble van gebouwen in het landschap. Geen institutionele uitstraling, maar een menselijke maat die herkenbaar is.

Vanaf het begin stond één ding vast: dit moest geen gesloten complex worden, maar een open ensemble van gebouwen in het landschap. Geen institutionele uitstraling, maar een menselijke maat die herkenbaar is.

 

Er is gezocht naar een evenwicht tussen de tussen bebouwing en de buitenruimte. De gebouwen zijn niet willekeurig in het groen geplaatst, maar volgen de structuren van het terrein. Zo ontstaan tussenruimtes die fungeren als hof, speelveld of informele ontmoetingsplek. Het zorgt ervoor dat er geen onderbrekingen in het landschap ontstaan, maar dat haar samenhang juist wordt verstrekt.

De kleurstudie die het landschappelijk palet van de omgeving van Grave als uitgangspunt nam, heeft invloed gehad op de samenstelling van de stenen in de gevel. De gebouwen van twee tot drie lagen hoog zijn opgetrokken uit regionale baksteen van steenfabriek Vogelensangh, uitgevoerd in aardetinten met zachte schakeringen.

De gevels zijn robuust, maar krijgen een zachte uitstraling door hoge ramen en transparante entrees. Elk gebouw heeft een karakteristiek glazen entreevolume. Dit zorgt niet alleen voor licht en overzicht, maar nodigt ook uit tot gebruik.

Het zijn plekken waar je elkaar kunt ontmoeten, kunt wachten, kletsen of gewoon even alleen kunt zijn. Die openheid was essentieel. Het moest voorkomen worden dat het gebouw zich zou afsluiten van zijn gebruikers of zijn omgeving. Zo zijn de trappenhuizen open naar buiten gekeerd. Je kijkt altijd ergens naartoe: een boom, een pad, een stuk gras. De grens tussen binnen en buiten is bewust vaag gehouden, zodat de beleving van het landschap ook binnen voelbaar blijft.

Een bijzonder onderdeel van het project is het behoud van een kazernegebouw uit de jaren dertig. Een Rijksmonument dat vroeger dienstdeed als officiersverblijf. In plaats van slopen is het getransformeerd tot dienstencentrum. Hier worden dagelijkse zaken geregeld, van medische zorg tot taallessen. Tegelijk is het een ankerpunt op het terrein. Door het monument een nieuwe functie te geven, blijft de geschiedenis van de plek tastbaar. Met het oog op de toekomst is ook de nieuwbouw adaptief ontworpen. Met minimale ingrepen kunnen de huidige opvanglocaties worden verbouwingen getransformeerd naar appartementen.